Social media

By A Web Design

Meld je aan voor de e-zine!

Follow me on Twitter

Google Ads



PDF Afdrukken E-mailadres

ICSI: mogelijke bijwerkingen en complicaties 

Voor de vrouw

De risico's van ICSI zijn voor de vrouw vergelijkbaar met die van een IVF-behandeling: het ontstaan van het overstimulatie-syndroom (zie OHSS), een bloeding of een infectie door het aanprikken van de eiblaasjes en een grotere kans op een meerling als er meer dan een embryo wordt teruggeplaatst.

 

Voor het kind

De risico''s voor kinderen die na een ICSI-behandeling zijn geboren, zijn voor een deel gelijk aan de risico''s voor kinderen die na een na IVF-behandeling zijn geboren: er bestaat een grotere kans op een miskraam en op vroeggeboorte.

Daarnaast zijn er speciaal bij ICSI factoren die van invloed op de ontwikkeling van het kind kunnen zijn:

  • Natuurlijke selectie ontbreekt bij ICSI. Bij een spontane bevruchting en bij IVF lukt het één van de duizenden zaadcellen om in de eicel door te dringen. Bij ICSI wordt één zaadcel uitgekozen die er normaal uitziet, maar of deze zaadcel inderdaad goed is, valt niet met zekerheid te zeggen. Welke gevolgen dit voor het kind kan hebben, weet men (nog) niet.
  • Het inbrengen van de injectienaald met de zaadcel in de eicel, beschadigt de wand van de eicel en brengt een kleine hoeveelheid laboratoriumvloeistof naar binnen. Welke gevolgen dit in de toekomst voor het kind kan hebben, weet men (nog) niet.
  • Erfelijke afwijkingen die bij de man voorkomen, kunnen bij ICSI eventueel aan het kind worden doorgegeven.
  • Er bestaat een (zeer kleine) kans op een extra geslachtschromosoom (1 procent) en op vruchtbaarheidsproblemen bij het kind.

 

 

 

Bron: www.nvog.nl